Paradijsvogels

Paradijsvogels

Wij waren toe aan wat kleur. En daar hebben we dan ook maar meteen aan toegegeven. Dit bonte gezelschap is het resultaat. Oude bekenden uit de oer-Hollandse klei prijken naast paradijsvogels uit het tropisch regenwoud.

Vandaag vieren we de verschillen. Nuchter of frivool, protserig of bescheiden, rechttoe rechtaan of een beetje fuzzy: het heeft allemaal wel wat – vooral als je het weet te combineren. Geldt voor mens, dier én bloem! Deze uitbundige bos is voor ons echt een feestje, we hopen voor jou ook.

Laten we beginnen met wat nostalgie: de oude vertrouwde sigaar. Stak jij ze ook aan als kind? Dan weet je vast nog dat het enorme stinkbommen zijn. De dikke fluwelen aar van deze grote lisdodde – Typha Latifolia (3) – is de vrouwelijk kant van deze plant. Die produceert het witte zaadpluis na de bloei. Dan is het net alsof er watten langs de sloot groeien. Daar kun je pas écht goed een vuurtje mee aansteken (zonder dat je je neus hoeft dicht te knijpen). Vroeger werd het gebruikt om kussens mee te vullen. Bijzonder aan de lisdodde is dat bijna alles eetbaar is: de binnenkant van de scheuten, het stuifmeel, de jonge knoppen, de wortels en de zaden. We raden je wel af je tanden in deze te zetten, want dikke kans dat hij heel bitter smaakt.

Van de Hollandse sloot naar de Zuid-Afrikaanse bush. Dat is waar de Leucadendron Procerum (5) vandaan komt. We hebben er geen eigen naam voor in het Nederlands, maar de Zuid-Afrikaanse is leuker dan we zelf hadden kunnen verzinnen: Langbeentjie. De struiken van deze ‘safari-bloem’ met houtige zaaddozen kunnen namelijk wel 3 meter hoog worden.

De Heliconia Orange (2) is ook niet ‘van hier’, dat zie je zo. Deze flamboyante bloem uit de Amazone wordt vaak verward met de paradijsvogelbloem uit Zuid-Afrika. Niet zo verwonderlijk, want ze lijken nogal op elkaar. Maar deze groeien dus in een heel ander werelddeel, waar ze kolibries trakteren op hun nectar. En er zijn nog meer dieren die ze aantrekkelijk vinden. Google maar eens op heliconia en kikker en je vindt de prachtigste plaatjes. Klinkt nu al als een mooi sprookje.

De Astilbe komt van oorsprong uit Japan, maar is al heel lang ingeburgerd in Europa. In de 19e eeuw kweekte de Duitse botanist Georg Arends wel 74 hybriden, die naar hem vernoemd zijn met de toevoeging Arendsii. Deze roze prachtspirea komt uit zijn koker: Astilbe Arendsii Erika (4). Zijn wij natuurlijk meteen benieuwd naar Erika. Was dat zijn lief? Zijn dochter? Of die leuke buurvrouw die hij nooit aan durfde te spreken – maar wel een bloem naar vernoemde?

Terug naar ons feestje. Wie wat te vieren heeft, moet trakteren. Dat doen we vandaag met een van onze favorieten van dit seizoen. De zonnebloem, op zijn Latijn: Helianthus Annuus (1). Je kunt er net als de rietsigaar van alles mee, maar ze hebben ook gewoon iets hartverwarmends. Van Gogh sloot ze niet voor niets in zijn kunstenaarshart. “Op de een of andere manier is de zonnebloem van mij,” schreef hij ruim een eeuw geleden aan zijn broer Theo. Vandaag is ie van jou. Hij past wat ons betreft prima in de bos, maar je kunt ’m ook een eigen vaas geven. Om hem te laten pronken als een Hollandse paradijsvogel. Pak er gerust een potlood of penseel bij…  

We zien graag hoe jouw bos – én je zonnebloem – erbij staat. Sharing is caring. Post je een foto op Facebook of Instagram?

1. Helianthus Annuus
2. Heliconia Orange
3. Tyhpa Latifolia
4. Astilbe Arendsii Erika
5. Leucadendron Procerum

Share on: